Aftrap Sportersweb

De in oorsprong zeventiende-eeuwse ambtswoning van de Burgemeester van Amsterdam vormt op 25 november 2009 het decor voor de lancering van het Sportersweb Gelijkspelen, het digitale netwerk waar homo-, bi- en transseksuele sporters elkaar kunnen ontmoeten. In de eetzaal van het statige grachtenpand wordt de aftrap voor het netwerk verricht door de Amsterdamse wethouder voor sport, Carolien Gehrels (1967). Samen met ex-schaatsster Marieke Wijsman en onder het toeziend oog van fotografen en een zestigtal genodigden start Gehrels als eerste de website van het Sportersweb Gelijkspelen.

Carolien Gehrels, wethouder sport Amsterdam

In haar openingstoespraak gaat de wethouder in op het belang van sport voor Amsterdam. Gehrels kondigt aan in 2017 of 2018 de Outgames of de Gay Games (weer) naar Amsterdam te willen halen. Zij onderstreept dat het belangrijk is om er ook in de sport voor uit te kunnen komen wie en wat je bent. Gehrels spreekt de hoop uit dat over een aantal jaren blijkt dat '25 november 2009' iets wezenlijks heeft veranderd in de situatie van homo's in de sport.

Het onderzoek van Melissa Davina - 'Een regenboog aan geheimen in de sport' over de behoefte van homoseksuele sporters aan een netwerk - vormt een van de fundamenten van het sportersweb. Het onderzoek vond plaats in opdracht van de Alliantie Gelijkspelen. Ruim 500 respondenten vulden op internet een enquête in. De conclusies van het onderzoek: 14 procent van de respondenten komt tegenover medesporters niet uit voor zijn of haar homoseksualiteit tegen slechts vijf procent die het voor familie verborgen houdt. De ondervraagden willen een digitaal netwerk en hebben behoefte aan (sportieve en informatieve) bijeenkomsten. Rolmodellen kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de (zelf)acceptatie van de homo-, bi- en transseksuele sporters.

Wilfred van Buuren, medewerker van de Stichting Homosport, geeft aan door welke organisatie het netwerk wordt 'gedragen': de Alliantie Gelijkspelen (NOC*NSF, Nederlandse Sportalliantie, John Blankenstein Foundation, Movisie, COC Nederland, Stichting Homosport Nederland), met een subsidie van de Ministeries van VWS en OCW. De rol van de gemeente Amsterdam valt volgens Van Buuren in de categorie 'wisselende contacten'.
 

Gerard Onley, fitness en Wilfred van Buuren

Het digitale netwerk moet het delen van ervaringen, ondersteuning van elkaar en het vergroten van de zelfacceptatie mogelijk maken, maar ook het uitwisselen van informatie. Het  netwerk richt zich niet alleen op de homoseksuele, lesbische, biseksuele en transseksuele sporters in de top- en de breedtesport, maar ook op coaches, trainers en scheidsrechters. De focus is vooral gericht op de 'gewone' sportverenigingen. Van Buuren hoopt dat het netwerk bijdraagt tot een beweging van de actieve leden die het onderwerp ook in de eigen sportomgeving op de agenda weten te krijgen.

Carolien Gehrels en Marieke Wijsman

Een aantal (ex-)sporters geeft op de bijeenkomst aan wat volgens hen het belang van het netwerk is. Marieke Wijsman (1975) reageert op de coming-out van collega-schaatsster Irene Wüst: "Ik heb zelf drie jaar met een geheim rondgelopen, een dubbelleven geleid. Dat heeft invloed op je sportprestaties. Dat zal voor Irene misschien ook gelden". Rugbybestuurder Ronald Driessen constateert dat in zijn club Amsterdam Lowlanders - onderdeel van de reguliere rugbyclub ARC - het probleem van integratie van het homoteam met andere teams niet speelt: "Onze coach vindt het jammer dat wij bestaan, alleen maar omdat hij ons hard nodig heeft voor zijn andere ploegen." 
ALO-student Mart Roumen (1990) is amateur-voetballer en opgegroeid in Zeeland. "Homoseksualiteit was daar een nieuw fenomeen. Omdat ik niet erg goed met geheimen kan omgaan, heb ik het snel verteld. Mijn team was heel positief, zelfs nieuwsgierig." Transgender Carolien van de Lagemaat (zeilen) verklaart dat het vraagstuk van de transgenders nog meer ondergesneeuwd is dan dat van de homoseksuele sporters. "Als je op je club zegt dat je voortaan met het andere team mee wil doen, heb je de poppen aan het dansen.?" Ex-roeier Hans Perrée (1952) was de eerste ('en de laatste') toproeier die uit de kast kwam. "Ik was roeier en wilde zo hard mogelijk gaan. Dat ik homoseksueel ben, was vooral voor mijzelf belangrijk."

Mart Roumen

Fotografie: Karleen Veenker
Met dank aan: Hans Perrée, Marike Kuperus en Lian Witteveen.

Ik wil iedereen beoordelen op zijn voetbalkwaliteiten en niet op seksuele geaardheid, ras of huidskleur. Homoseksuele voetballers die uit de kast willen komen, moeten zich melden bij de KNVB. John Blankenstein heeft dat ook gedaan.

Marc van Hintum, oud-speler van onder meer Willem II, Vitesse, Hannover 96 en technisch directeur Vitesse